Huurovereenkomst

Zie hieronder een  voorbeeld huurovereenkomst voor bedrijfsruimte. 

Wanneer u een bedrijfsruimte huurt zal daar een overeenkomst voor worden opgemaakt. 

Huurovereenkomst Bedrijfsruimte

 

De ondergetekenden:

1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid “_________”, hierna

te noemen de verhuurder, statutair gevestigd te ____ en kantoorhoudende aan

de_____, te dezen vertegenwoordigd door haar bestuurder, de heer/ mevrouw ____;

 

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid “______”, hierna

te noemen de huurder, statutair gevestigd te _____ en kantoorhoudende aan de

______, te dezen vertegenwoordigd door haar bestuurder, te dezen vertegenwoordigd door de heer/ mevrouw ______;

 

in aanmerking nemende:

dat de verhuurder eigenaar is van een onroerende zaak, hierna te noemen het gehuurde, staande en gelegen aan de _______;

dat het gehuurde aan de verhuurder en aan de huurder genoegzaam bekend is, zodat daarvan geen nadere omschrijving nodig is;

dat de huurder het gehuurde wenst te huren van de verhuurder;

dat de verhuurder en de huurder het wenselijk achten om de voorwaarden en bepalingen

van deze huurovereenkomst vast te leggen in een onderhandse akte;

 

zijn met elkaar een huurovereenkomst aangegaan, waarvan de voorwaarden en bepalingen

als volgt luiden:

 

Ø  Artikel 1

Deze huurovereenkomst is ingegaan op 1 september 2010, hierna te noemen de ingangsdatum.

 

Ø  Artikel 2

De verhuurder verhuurt aan huurder met ingang van de ingangsdatum, gelijk de huurder huurt van de verhuurder, het gehuurde.

 

Ø  Artikel 3

1.       Deze overeenkomst is aangegaan voor een termijn van vijf jaren. De overeenkomst wordt

na ommekomst van deze termijn van vijf jaren verlengd met wederom een termijn van vijf

jaren, tenzij de huurder of de verhuurder ten minste twaalf maanden voor het verstrijken van

eerdergenoemde termijn van vijf jaren de wederpartij door middel van behoorlijke kennisgeving,

zoals bedoeld in lid 4 van onderhavig artikel, meedeelt geen gebruik te maken van het

recht tot verlenging met vijf jaren.

2.       Deze overeenkomst, die op grond van het vorig lid van onderhavig artikel is verlengd met

een tweede termijn van vijf jaren, wordt na ommekomst van de alsdan verstreken termijn

van vijf jaren verlengd voor onbepaalde tijd, tenzij de huurder of de verhuurder ten minste twaalf maanden voor het verstrijken van die tweede termijn van vijf jaren de overeenkomst opzegt, waarbij opzegging dient plaats te vinden door middel van behoorlijke kennisgeving, zoals bedoeld in lid 4 van onderhavig artikel.

3.       De overeenkomst, die op grond van vorig lid is verlengd voor onbepaalde tijd, kan door de huurder of de verhuurder op elk moment worden opgezegd, waarbij opzegging dient plaats te vinden door middel van behoorlijke kennisgeving, zoals bedoeld in lid 4 van onderhavig artikel. De termijn van opzegging bedraagt tenminste twaalf maanden.

4.       Behoorlijke kennisgeving dient plaats te vinden door middel van een aangetekend schrijven met bewijs van ontvangst, door middel van een deurwaardersexploot, of door een door iedere partij ondertekende verklaring.

 

Ø  Artikel 4

1.       Als de huurovereenkomst eindigt, dient de huurder het gehuurde in goede staat van onderhoud vóór het verstrijken van de huurtermijn met al de zijnen en al het zijne ontruimd te hebben.

2.       De huurder is alsdan bij niet-ontruiming van het gehuurde in gebreke door het enkele verstrijken van het ontruimingstijdstip, zonder dat enige ingebrekestelling of aanmaning daartoe door de verhuurder vereist is.

 

Ø  Artikel 5

1.       De huurprijs bedraagt bij aanvang € ____ exclusief omzetbelasting per maand.

2.       De huurprijs wordt jaarlijks per 1 januari, voor het eerst per 1 januari _____, automatisch

herzien aan de hand van de consumentenprijsindex (CPI) reeks “alle huishoudens”, zoals

berekend en gepubliceerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek.

Deze herziening wordt als volgt berekend. De tot de datum van herziening geldende

huurprijs wordt vermenigvuldigd met een breukgetal, waarvan de teller wordt gevormd

door het jaarprijsindexcijfer, geldende voor het laatst verstreken kalenderjaar voor de datum van ingang van de aangepaste huurprijs, en de noemer wordt gevormd door het laatste jaarprijsindexcijfer, geldende voor het aan dat laatste verstreken kalenderjaar voorafgegane kalenderjaar. Indien een herziening van de huurprijs in enig jaar zou leiden tot een verlaging van de huurprijs, vindt geen herziening plaats. Doet zich dit geval voor, dan vindt eerst weer herziening van de huurprijs plaats, indien en zodra het jaarprijsindexcijfer voor het laatst verstreken kalenderjaar voor een herzieningsdatum hoger ligt dan het bij de laatste geëffectueerde herziening als teller gebruikte jaarprijsindexcijfer, en wel enkel in dat geval door hantering van het eerstbedoelde jaarprijsindexcijfer als teller en het laatstbedoelde jaarprijsindexcijfer

als noemer; hierna wordt al het hiervoor bepaalde dan weer van toepassing.

3.       De huurprijs dient bij vooruitbetaling te worden voldaan door de huurder, zonder korting

of schuldvergelijking, behoudens het bepaalde in artikel 7:206, lid 3 BW, in de week voorafgaande aan de maand waarop de huur betrekking heeft. De betaling van de huur dient te geschieden door middel van storting op een rekening van de verhuurder bij een bankinstelling.

 

Ø  Artikel 6

1.       De huurder en de verhuurder komen overeen dat de verhuurder omzetbelasting over de

huurprijs in rekening brengt.

2.       De huurder en de verhuurder zijn overeengekomen dat zij gebruik maken van de mogelijkheid om op grond van Mededeling 45, besluit van 24 maart 1999, nr. VB 99/571, af te zien van het indienen van een gezamenlijk optieverzoek voor een met omzetbelasting belaste verhuur. De huurder verklaart door ondertekening van de huurovereenkomst mede ten behoeve van de rechtsopvolger(s) van de verhuurder, dat hij het gehuurde blijvend gebruikt of blijvend laat gebruiken voor doeleinden waarvoor een volledig of nagenoeg volledig recht op aftrek van omzetbelasting op de voet van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968 bestaat.

3.       Het boekjaar van de huurder loopt van 01 januari tot en met 31 december.

4.       De huurder en de verhuurder verklaren uitdrukkelijk dat bij het vaststellen van de huurprijs

uitgangspunt is geweest dat de huurder het gehuurde voor het bij de wet vastgestelde

percentage of nader vastgesteld minimum percentage blijvend zal gebruiken voor

prestaties die recht geven op aftrek BTW, zodanig dat kan worden geopteerd voor een

belaste (ver)huur.

5.       Indien de huurder het gehuurde niet (meer) gebruikt voor prestaties die recht geven op

aftrek van BTW zoals bedoeld in lid 4 van onderhavig artikel, dan is de huurder niet langer

BTW over de huurprijs aan de verhuurder verschuldigd, doch dan is de huurder met

ingang van de datum waarop de verhuur van BTW is vrijgesteld, naast de huurprijs exclusief BTW, als een afzonderlijke vergoeding aan verhuurder een zodanig bedrag verschuldigd dat laatstgenoemde volledig wordt gecompenseerd voor:

a. de als gevolg van het vervallen van de belaste verhuur niet (langer)aftrekbare BTW

op de exploitatiekosten voor het gehuurde en/of investeringen daarin;

b. de BTW die de verhuurder als gevolg van het vervallen van de belaste verhuur wegens

herrekening als bedoeld in artikel 15, lid 4 van de Wet op de omzetbelasting

1968 of herziening als bedoeld in de artikelen 11 tot en met 13 van de Uitvoeringsbeschikking

omzetbelasting 1968 aan de fiscus moet terugbetalen en of niet langer terug

kan krijgen van de fiscus;

c. alle overige schade die de verhuurder door het vervallen van de belaste verhuur lijdt.

6.       Wanneer zich een situatie als bedoeld onder lid 5 van onderhavig artikel voordoet zal de

verhuurder aan de huurder berichten welke bedragen door de verhuurder aan de fiscus

moeten worden betaald en inzicht geven in de overige schade als bedoeld onder lid 5

van onderhavig artikel. De verhuurder zal zijn medewerking verlenen indien de huurder

de opgave van de verhuurder wil laten controleren door een onafhankelijke registeraccountant. De kosten hiervan zijn voor rekening van de huurder. Het door de verhuurder, vanwege het vervallen van de belaste verhuur te lijden financiële nadeel, dient op eerste verzoek van de verhuurder, door de huurder te worden voldaan.

7.       De huurder is verplicht binnen vier weken na afloop van zijn boekjaar waarin hij het gehuurde is gaan huren (ook als het geheel of gedeeltelijk aan een derde in gebruik is gegeven), door middel van een door hem ondertekende verklaring de verhuurder ervan in kennis te stellen of hij het gehuurde over het afgelopen boekjaar heeft gebruikt voor doeleinden waarvoor op de voet van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968 een volledig of nagenoeg volledig (tenminste 90%) recht op aftrek van BTW bestaat. Voorts is de huurder verplicht indien het door hem gehuurde (ook als het geheel of gedeeltelijk aan een derde in gebruik is gegeven) in enig van zijn daaropvolgende boekjaren niet is gebruikt voor doeleinden waarvoor op de voet van artikel 15 van de Wet op de omzetbelasting 1968, een volledig of nagenoeg volledig (tenminste 90%) recht op aftrek van BTW bestaat, de verhuurder binnen vier weken na afloop van het desbetreffende boekjaar door middel van een door hem ondertekende verklaring hiervan in kennis te stellen. In beide gevallen is de huurder verplicht binnen dezelfde termijn een afschrift van de verklaring aan de inspecteur der belastingen te zenden.

8.       Indien de huurder niet voldoet aan vorenbedoelde informatieverplichting of achteraf blijkt dat hij van een onjuist uitgangspunt is uitgegaan en de verhuurder daardoor, naar achteraf blijkt, ten onrechte BTW over de huurprijs in rekening heeft gebracht, is de huurder in verzuim en is de verhuurder gerechtigd het daardoor ontstane financiële nadeel op de huurder te verhalen. Dit nadeel betreft de volledige ter zake door de verhuurder alsnog aan de fiscus verschuldigde BTW vermeerderd met rente en eventuele verhogingen, alsmede de niet door de verhuurder in aftrek te brengen BTW. Het in dit lid gestelde voorziet in een schadevergoedingsregeling voor het geval dat met terugwerkende kracht aan de belaste verhuur een einde mocht komen, zulks naast de onder lid 5 en lid 6 van onderhavig artikel weergegeven regeling. De extra schade die voor de verhuurder uit die terugwerkende kracht voortvloeit, is terstond, volledig en ineens van de huurder opeisbaar. De verhuurder zal zijn medewerking verlenen indien de huurder de opgave van deze extra schade van de verhuurder wil laten controleren door een onafhankelijke registeraccountant. De kosten hiervan zijn voor rekening van de huurder.

 

Ø  Artikel 7

1.       De huurder is gehouden om bij het sluiten van deze overeenkomst een bedrag van €

____ ter verzekering van de richtige nakoming van zijn verplichtingen uit deze overeenkomst als waarborgsom aan de verhuurder te betalen. De verhuurder is gehouden om bij het eindigen van deze overeenkomst het bedrag van genoemde waarborgsom, terug te betalen aan de huurder, verminderd met het bedrag van hetgeen de verhuurder alsdan uit hoofde van deze overeenkomst heeft te vorderen

van de huurder.

2.       De verhuurder vergoedt aan de huurder jaarlijks, telkens na afloop van een periode van

twaalf maanden sedert het ingaan van deze overeenkomst, een enkelvoudige intrest ter

grootte van het twaalf maanden Euribor minus 1% per jaar over voornoemde waarborgsom.

Ø  Artikel 8

1.       Alle kosten van gas, water, elektriciteit en eventuele andere nutsleveranties wegens gebruik of verbruik in, op of aan het gehuurde zijn voor rekening van de huurder.

2.       Indien door een toeleveringsbedrijf van gas, water of elektriciteit nadere eisen worden gesteld ten aanzien van de in het gehuurde aanwezige leidingen of aansluitingen van die leidingen op het openbare distributienet, zijn de kosten vallende op de voldoening van deze nadere eisen voor rekening van de verhuurder.

3.       Voor schade door de huurder geleden tengevolge van ondeugdelijke aan- of afvoer van gas, water, elektriciteit of enige ander nutsleverantie, is de verhuurder niet aansprakelijk.

 

Ø  Artikel 9

1.       De huurder heeft het gehuurde in goede staat van onderhoud en zonder zichtbare of onzichtbare gebreken in huur ontvangen, tevens venster- en glasdicht, terwijl huurder is gehouden het gehuurde bij het eindigen van de onderhavige overeenkomst in dezelfde staat van onderhoud, volledig ontruimd, schoon en zonder gebreken op te leveren.

2.       De verhuurder is niet aansprakelijk voor de nadelige gevolgen van zichtbare of onzichtbare gebreken aan het gehuurde.

3.       De verhuurder is verplicht om voor eigen rekening tijdig en op deugdelijke wijze alle onderhoud – waaronder begrepen herstel en vernieuwing – te verrichten of te doen verrichten, dat volgens de wet of het plaatselijk gebruik voor zijn rekening is, met dien verstande, dat in ieder geval voor zijn rekening is het onderhoud, het herstel en de vernieuwing van:

a. daken;

b. platten, veranda's en dergelijke;

c. goten;

d. buitenleidingen;

e. grondleidingen;

f. buitengevels;

g. afscheidingen.

4.       De huurder is verplicht om voor eigen rekening tijdig en op deugdelijke wijze alle onderhoud - waaronder begrepen herstel en vernieuwing - te verrichten of te doen verrichten, dat volgens de wet of het plaatselijk gebruik voor zijn rekening is, met dien verstande, dat in ieder geval voor zijn rekening komt:

a. het schoonhouden en ontstoppen van putten, afvoerbuizen van hemelwater, closets

en de afvoerbuizen daarvan, wastafels, douches met toebehoren, gootstenen;

b. het vegen van schoorstenen;

c. het onderhoud van boilers, geisers en centrale verwarmingsinstallatie en de eventuele

alarminstallatie;

d. het onderhoud van water-, gas- en elektriciteitsleidingen en andere binnenleidingen;

e. reparaties en vervanging van zonwering, kranen, bellen, deuropeners, sloten, grendels,

krukjes, haakjes, ruiten, schakelaars, schakelborden, wandcontactdozen, enzovoorts;

f. witwerk, binnenschilderwerk, alsmede stukadoorswerk en behangwerk;

g. het vervangen van gebroken ruiten;

h. het onderhoud van de tot het gehuurde behorende erf en tuin.

5.       De huurder is verplicht alle maatregelen te nemen ter voorkoming van schade aan het

gehuurde, in het bijzonder in het geval van storm, regen, sneeuw, vorst, andere neerslag

en andere weersomstandigheden, kortsluiting, brand, lekkage en dergelijke, waaronder begrepen de maatregelen ter voorkoming van het bevriezen van waterleidingen en afvoeren in het gehuurde, of het perceel, waarvan het gehuurde deel uitmaakt.

6.       Het hiervoor bepaalde laat onverlet de verplichting van ieder der partijen, die voorzieningen voor zijn rekening te nemen, die dienen te worden getroffen als gevolg van opzet, schuld, nalatigheid of onoordeelkundig gebruik van hemzelf of van personen voor wiens doen of nalaten hij verantwoordelijk is.

7.       Indien de huurder of de verhuurder zijn verplichtingen zoals beschreven in onderhavig artikel niet, niet tijdig of niet behoorlijk nakomt, is de andere partij gerechtigd, na ingebrekestelling, de noodzakelijke werkzaamheden voor rekening van de nalatige partij te verrichten of te doen verrichten.

 

Ø  Artikel 10

Onroerende zaakbelasting die wordt geheven ten laste van een eigenaar/niet-gebruiker en waterschapslasten komen voor rekening van de verhuurder. Alle andere belastingen en heffingen geheven met betrekking tot het gehuurde, geheven onder welke naam en vanwege welk publiekrechtelijk rechtspersoon dan ook, worden gedragen door de huurder.

 

Ø  Artikel 11

1.       De huurder is gehouden het gehuurde overeenkomstig de bestemming als bedrijfspand te gebruiken.

2.       Het is de huurder, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de verhuurder, niet

toegestaan het gehuurde geheel of gedeeltelijk onder te verhuren of anderszins – al dan

niet om niet – aan derden in gebruik of medegebruik af te staan.

3.       De huurder is verplicht het gehuurde in overeenstemming met de bestemming ervan krachtens deze huurovereenkomst van inventaris te voorzien en ingericht te houden en voorts daadwerkelijk, behoorlijk en zelf te gebruiken.

4.       Het is aan huurder verboden de gedaante, het uiterlijk of de inrichting van het gehuurde te wijzigen of enige verbouwing daarin of daaraan uit te (doen) voeren zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van verhuurder. In alle gevallen dient de huurder bij het eindigen van de huurovereenkomst de door hem aangebrachte veranderingen te verwijderen en het gehuurde in de oorspronkelijke staat terug te brengen, tenzij de verhuurder schriftelijke toestemming geeft de aangebrachte wijzigingen niet te verwijderen. De verhuurder is niet gehouden om de huurder een vergoeding te betalen, terzake van de waarde van door of vanwege de huurder aangebrachte veranderingen, tenzij uitdrukkelijk schriftelijk anders is overeengekomen ter zake van bepaalde veranderingen.

5.       De huurder dient zelf ervoor zorg te dragen dat hij beschikt of komt te beschikken over de

vergunningen en/of ontheffingen die in verband met het gebruik van het gehuurde in overeenstemming met de bestemming ervan krachtens deze huurovereenkomst benodigd mochten zijn of worden. Een niet of niet meer beschikken over dergelijke vergunningen en/of ontheffingen komt voor rekening en risico van huurder en geeft geen grond voor huurder om deze huurovereenkomst te (doen) ontbinden of nietig te (doen) verklaren of enige andere actie tegen verhuurder, in of buiten rechte, te richten.

6.       Indien en voorzover in of aan het gehuurde aanpassingen c.q. voorzieningen op overheidsvoorschrift moeten worden aangebracht met het oog op (de aard van) het gebruik door huurder van het gehuurde, komen deze aanpassingen c.q. voorzieningen voor rekening van huurder.

7.       De huurder is verplicht het gehuurde zodanig te gebruiken, dat niet in strijd wordt gehandeld met enige wet, verordening of enig ander overheidsvoorschrift en dat ook niet het gevaar ontstaat dat enige overheidsvergunning zal of kan worden ingetrokken.

8.       De huurder is verplicht het gehuurde zodanig te gebruiken, dat door of vanwege hem en

(het gebruik van) het gehuurde geen hinder of overlast in welke vorm dan ook aan verhuurder, de buren en de verdere omgeving van het gehuurde wordt aangedaan.

9.       De huurder is verplicht het gehuurde zodanig te gebruiken, dat geen schade aan het milieu in welke vorm dan ook, zoals door de uitstoot van stoffen of door bodem-, grondwater-, oppervlaktewater- of luchtverontreiniging, ontstaat of redelijkerwijze kan ontstaan. De huurder is gehouden genoegzame voorzorgsmaatregelen hiertegen te nemen.

 

Ø  Artikel 12

De huurder is gehouden te gedogen dat de verhuurder of diens gemachtigden het gehuurde bezichtigen, indien en voor zolang de verhuurder het verhuurde wenst te verkopen of te verhuren. De tijdstippen van deze bezichtiging worden zodanig bepaald dat de huurder zo min mogelijk hinder ondervindt.

 

Ø  Artikel 13

Bij niet-prompte voldoening van huurpenningen op één der verschijndagen, bij overtreding, nietnakoming of niet-behoorlijke nakoming van één of meer der voor huurder uit de huurovereenkomst of de wet voortvloeiende verplichtingen, bij faillissement van- of aanvraag om surséance van betaling door huurder, alsmede bij een door huurder geheel of grotendeels staken van het gebruik van het gehuurde, zal verhuurder gerechtigd zijn de huurovereenkomst te ontbinden door middel van behoorlijke kennisgeving zoals in artikel 3, lid 4, van onderhavige overeenkomst, in welk geval, alsmede wanneer verhuurder in plaats van ontbinding de nakoming der huurovereenkomst wenst, huurder verplicht zal zijn tot schadevergoeding. De huurder zal in verzuim zijn door het enkele verloop van de bepaalde termijn of het enkele feit van de overtreding, niet-nakoming of niet behoorlijke nakoming.

In elke van deze gevallen zal verhuurder aan huurder ook in rekening mogen brengen zijn buitengerechtelijke kosten. Verder zal huurder in geval van een procedure tussen partijen in verband met deze huurovereenkomst, indien hij daarbij geheel of in hoofdzaak in het ongelijk wordt gesteld, alle door verhuurder gemaakte proceskosten dienen te betalen, ook voorzover een proceskostenveroordeling volgens de daarbij gebruikelijke tarieven overtreffende.

 

Ø  Artikel 14

1.       Verhuurder is niet aansprakelijk voor schade die ontstaat aan persoon of goed van huurder of van derden, behalve wanneer deze schade uitsluitend optreedt als gevolg van de staat van het gehuurde, voor zover verhuurder terzake daarvan zelf grove schuld treft of ernstig nalatig is gebleven. Evenmin is verhuurder aansprakelijk voor schade die voor huurder direct of indirect voortvloeit uit gebeurtenissen, welke intreden zonder dat verhuurder terzake daarvan zelf grove schuld treft of ernstig nalatig is gebleven en welke afbreuk doen aan het rustig genot van het gehuurde voor huurder. Verhuurder is ook niet gehouden om huurder te vrijwaren voor belemmeringen van feitelijke aard, die derden huurder in zijn genot van het gehuurde toebrengen.

2.       huurder is verplicht om in geval van een aangekondigde openbare verkoping van het gehuurde gedurende vier weken voor de dag van de inzet, alsmede tussen inzet en afslag, en voorts gedurende de laatste drie maanden voor het einde van de huurovereenkomst tot aan de wederverhuring of verkoop, op de dagen en tijden volgens plaatselijk gebruik, het gehuurde kosteloos ter bezichtiging te stellen. Dezelfde verplichting geldt in geval van een door verhuurder aan huurder medegedeeld voornemen tot onderhandse verkoop van het gehuurde. Bovendien heeft verhuurder en een door hem aan te wijzen deskundige, zoals een bouwkundige of een aannemer of een makelaar in onroerende goederen of een advocaat of deurwaarder, te allen tijde, na behoorlijke voorafgaande aankondiging aan huurder en in overleg met huurder, het recht het gehuurde van binnen en van buiten te bezichtigen c.q. te inspecteren.

3.       Verhuurder heeft steeds de bevoegdheid een beheerder aan te stellen, aan wie huurder

dan alle uit deze huurovereenkomst voortvloeiende betalingen zal hebben te verrichten en met wie huurder zich dan over alle aangelegenheden terzake van de huurovereenkomst zal hebben te verstaan, een en ander voorzover en zolang verhuurder niet anders aan huurder zal hebben bericht of doen berichten. De beheerder, indien aangesteld, zal verhuurder echter in geen geval in rechte, eisend of verwerend, kunnen of mogen vertegenwoordigen.

4.       Voor alle mededelingen, aanzeggingen en deurwaardersexploiten van de kant van verhuurder in verband met deze huurovereenkomst en de nakoming c.q. beëindiging daarvan, en meer in het algemeen voor al hetgeen betrekking heeft op of verband houdt met de huurovereenkomst en de nakoming c.q. beëindiging daarvan, kiest huurder voor de duur van de huurovereenkomst, eventuele verlengingen daaronder begrepen, en ook voor de duur van een eventueel voortgezet genot door huurder van het gehuurde na het einde van de huurovereenkomst woonplaats in het gehuurde.

 

Ø  Artikel 15

1.       Op deze overeenkomst is steeds het Nederlands recht van toepassing.

2.       Alle geschillen voortvloeiende uit of verband houdende met de uitvoering van deze overeenkomst worden door de verhuurder en de huurder in eerste aanleg aanhangig gemaakt bij de gerechtelijke instantie waaronder de plaats van vestiging van de verhuurder ressorteert.

 

Huurovereenkomst aldus in tweevoud opgesteld en ondertekend te _____ op _____.

 

 

De verhuurder,                                                           De huurder,

 

 

te dezen:                                                                    te dezen:


Voorbeeld huurovereenkomst

Laat uw huurovereenkomst nakijken door een jurist of advocaat. 


Download de huurovereenkomst in Word of kopieer de onderstaande tekst naar een nieuw document.